Werkbank Academische vaardigheden


Startpagina > Mondeling presenteren > Structuur > Introductie

Structuur: introductie

In de planfase ben je begonnen met het structureren van je verhaal: je hebt een probleemstelling gemaakt, hebt je materiaal geselecteerd en hebt dat materiaal geordend. Daarnaast heb je ook een spreekschema opgesteld en de hulpmiddelen uitgekozen die je gaat gebruiken. Nu moet je ervoor zorgen dat je hoorders jouw structuur gemakkelijk doorzien en tijdens je presentatie precies weten op welke plaats in het verhaal je je bevindt. Dit krijg je op een andere manier voor elkaar dan bij geschreven teksten; luisteren is immers iets anders dan lezen.

Het grote verschil is dat luisteraars, in tegenstelling tot lezers, het tempo van degene die het verhaal vertelt, moeten bijhouden: luisteraars kunnen bijvoorbeeld niet even terugbladeren en beschikken niet over een inhoudsopgave. Bovendien gaat het verhaal gewoon verder als ze even afgeleid zijn of even afdwalen met hun gedachten, als ze even denken van ‘hé, wat bedoelt ze daar nou mee?’ of als ze zich na tien minuten minder kunnen concentreren. Je kent dat zelf wel, van sommige colleges: op een gegeven ogenblik ben je even de draad kwijt en zie hem dan maar weer eens op te pikken.

Goede sprekers houden rekening met dit verschil tussen schrijven en spreken. Zij bouwen zoveel herhalingen en tussentijdse samenvattinkjes in, dat de hoorders meer dan eens de kans krijgen de rode draad vast te houden of weer op te pikken. Globaal komt het herkenbaar maken van de structuur van een presentatie erop neer dat je je publiek eerst vertelt wat je ze gaat vertellen (inleiding); dat je ze vervolgens je verhaal vertelt (middenstuk) en dat je ze ten slotte vertelt wat je ze net hebt verteld (slot). Goede sprekers houden bovendien rekening met het verschil tussen lezen en luisteren door contact te leggen en te houden met hun publiek, zodat ze erop kunnen inspelen als ze zien dat het publiek de draad kwijt is. In goede monde­linge presen­ta­ties zit dus veel redundante informatie en hebben sprekers contact met hun publiek. Met beide elementen moet je rekening houden bij het herkenbaar maken van de structuur van je presentatie.

Overige pagina's in deze rubriek: De inleiding   Het middenstuk   Het slot